Examinering wordt steeds meer erkend als een belangrijk specialisme binnen het onderwijs. Binnen dit vakgebied bestaan verschillende rollen, waarvan de toetsconstructeur en de toetsdeskundige twee cruciale functies zijn. Hoewel ze nauw samenwerken aan de kwaliteit van de examinering, hebben ze elk een eigen focus en takenpakket.
De Toetsconstructeur: de bouwer van kwalitatief goede toetsen
Bij een toetsconstructeur ligt de nadruk op de inhoudelijke ontwikkeling van toetsen en praktijkopdrachten. De toetsconstructeur heeft de focus op de eigen toetsen of toetsen binnen de eigen vaksectie. Als constructeur zorg je ervoor dat een toets niet alleen inhoudelijk sterk is, maar ook betrouwbaar scoort en in de praktijk goed uitvoerbaar is. Je bent bekend met de achterliggende theorie van hoe je goede toetsvragen construeert en past deze toe om kandidaten eerlijk te beoordelen op hun kennis en vaardigheden.
Een toetsconstructeur beschikt onder andere over de volgende vaardigheden:
- Het opstellen van toetsmatrijzen voor een representatieve toets.
- Het construeren van gesloten en open vragen, toetsen en praktijkopdrachten.
- Het opstellen van duidelijke correctievoorschriften en beoordelaarsinstructies.
- Het onderbouwen van de cesuur (de slaag-/zakgrens).
- Het analyseren van toetsresultaten om de kwaliteit continu te verbeteren.
De Toetsdeskundige: de adviseur en begeleider
De toetsdeskundige kijkt breder naar het proces en fungeert als adviseur op strategisch en organisatorisch niveau. Je adviseert over toetsbeleid, toetsprogramma’s en de algemene toetsorganisatie binnen je onderwijsinstelling. Daarnaast speel je een cruciale rol in het begeleiden en coachen van docentenbij hun werkzaamheden rondom de toetsing.
Een toetsdeskundige beschikt onder andere over de volgende vaardigheden:
- Het (mede) opstellen en implementeren van toetsbeleid en -programma’s.
- Het begeleiden en coachen van docenten en toetsconstructeurs.
- Sterke communicatieve vaardigheden, zowel mondeling als schriftelijk.
- Constructief samenwerken binnen verschillende lagen van een onderwijsinstelling of organisatie en weten hoe je mensen meekrijgt in een verandering.
Overeenkomsten en verschillen
Hoewel de toetsconstructeur zich meer richt op het ‘maakproces’ van de specifieke toets en de toetsdeskundige op het ‘beleid en de begeleiding’, zijn er ook overeenkomsten. Beide professionals moeten kunnen reflecteren op hun eigen werkwijze en die van collega’s om de algehele toetskwaliteit binnen de onderwijsinstelling te verhogen.
Waar de constructeur een expert is in het maken van goede toetsen voor het eigen vak, is de toetsdeskundige een vakoverstijgende expert die andere vaksecties helpt bij het maken van goede toetsen en zicht heeft op het hele toetsproces en de organisatie helpt bij het verbeteren en verhelderen van de toetskaders.
Ontwikkel jezelf in jouw rol
Wil jij je specialiseren in één van deze rollen? Wij bieden gerichte opleidingen aan om jouw expertise naar een hoger niveau te tillen:
- Opleiding tot toetsconstructeur: Leer hoe je kwalitatief hoogwaardige toetsen en opdrachten maakt. Meer informatie.
- Opleiding tot toetsdeskundige: Word de strategisch adviseur die toetsbeleid vormgeeft en anderen inspireert. Meer informatie.
Voor een volledig overzicht van alle rollen binnen examenorganisaties kun je ook de functieprofielen van de NVE raadplegen.