Constructievoorschrift voor gesloten vragen: St-1

Constructievoorschrift St-1: De stam moet een duidelijke probleemstelling of vraag bevatten

Kwaliteitseis: Objectief/Efficiënt

Het moet de kandidaat direct duidelijk zijn wat er wordt gevraagd, op basis van uitsluitend de stam. Het is niet gewenst dat de kandidaat de vraag alleen uit de alternatieven kan afleiden.

Tip:
Een vraag die eindigt met een vraagteken, is in het algemeen een duidelijke probleemstelling of vraag.

Hoe het niet moet:
Vraagstelling: De viscositeit van een vloeistof:
A. neemt af als de temperatuur van de vloeistof wordt verhoogd (*)
B. neemt af als de temperatuur van de vloeistof wordt verlaagd
C. neemt af als het soortelijk gewicht van de vloeistof afneemt
D. neemt af als het soortelijk gewicht van de vloeistof toeneemt

Uit de stam blijkt niet wat de vraag is. De kandidaat moet de vraag afleiden uit de alternatieven.

Hoe het wel moet:
Vraag:
Waardoor neemt de viscositeit van een vloeistof af?
A. door een afname van het soortelijk gewicht van de vloeistof
B. door een toename van het soortelijk gewicht van de vloeistof
C. door een verhoging van de temperatuur van de vloeistof (*)
D. door een verlaging van de temperatuur van de vloeistof

Nieuwsgierig geworden naar de overige constructievoorschriften? Blijf ons dan volgen op Twitter of LinkedIn. Vanzelfsprekend kunt u ook gelijk het boek bestellen! Ga dan hier direct naar onze webshop.